Onze Visie

Inleiding

Stel je even een jongen voor met veel talent voor voetbal…

Op school, op de speelplaats, valt hij op omdat hij zo goed uit de voeten kan met de bal. Hij is iedereen te vlug af. Hij weet waar hij een bal moet plaatsen. Alle jongens van de klas willen hem in de speeltijdenploeg. Hij wil zelf alleen maar met de betere voetballers spelen. Dat zorgt voor wrevel, maar de jongens erkennen hem uiteindelijk als hun meerdere.

De sportleraar zegt terloops tegen de ouders: “Dat wordt een echte voetballer ” .

De trotse ouders sturen hem naar een voetbalclub, waar er aan zijn talent, zijn doorzettingsvermogen en zijn discipline gewerkt wordt. Hij leert er met andere jongens, ook voetballiefhebbers, een ploeg vormen. Hij wordt steeds beter en mag al eens met de oudere jongens mee spelen, zo leert hij snel veel bij.

Hij wordt te goed voor de dorpsploeg. Hij vindt voetballen niet meer leuk, want hij voelt zich niet meer uitgedaagd. Hij vertrekt naar een andere, betere ploeg, waar een professionele trainer de jeugdploeg traint. Zijn talent wordt gewaardeerd, hij krijgt de mogelijkheid om bij te leren, hij mag trots zijn op wat hij kan. De leerkrachten op school sturen hem altijd mee bij de scholencompetitie.

Deze jongen voelt zich goed, hij krijgt de kans om zijn talent te ontwikkelen en te tonen.

Stel je nu even een jongen voor met veel talent voor redeneren…

Hij neemt heel snel informatie op en kan die zeer goed onthouden, hij wil uitzoeken hoe de wereld en de dingen in elkaar zitten. Hij denkt sneller dan zijn leeftijdsgenoten, hij legt spontaan verbanden die anderen niet zien, hij zoekt eigen wegen om problemen op te lossen en denkt liever zelf dan de anderen na te doen.

De kleuterleidster van de derde kleuterklas zegt tegen de ouders: “het is een pienter ventje”.

De trotse ouders sturen hem naar… de lagere school, zoals alle andere kinderen van zijn leeftijd.

Hij leert met enthousiasme lezen, leert snel rekenen. Hij begint boeken te lezen, omdat hij veel wil weten. De taken op school zijn kinderspel, hij stelt zeer veel vragen op school. Hij wil meer weten dan wat er in het boekje staat.

Dat is moeilijk voor de leerkracht, want andere leerlingen hebben ook aandacht nodig. Hij krijgt er wel eens een opmerking over. Het gaat te traag voor hem, hij moet vaak wachten op de anderen. Hij denkt vaak na over dingen waar anderen nooit mee bezig zijn. Hij vindt de school niet meer leuk, want hij voelt zich niet meer uitgedaagd.

Hij kan naar een hogere klas, maar zijn er daar kinderen met zijn redeneertalent?

Wordt er op school gewerkt aan zijn talent, zijn discipline, zijn doorzettingsvermogen? Voelt hij zich goed? Krijgt hij de kans om zijn talent te ontwikkelen en te tonen?

Ons schoolsysteem richt zich tot alle leerlingen. Er zijn in dit land geen clubs voor kinderen met redeneertalent, zoals er voetbalclubs zijn voor kinderen met voetbaltalent.

Kinderen met redeneertalent, hoogbegaafde kinderen dus, zullen thuis en op school de nodige “training” moeten krijgen.

Wie zijn wij en waar staan wij voor?

BeKLIM, is een vereniging voor ouders en opvoeders van hoogbegaafde kinderen uit Limburg. Wij vinden dat álle kinderen, mét of zonder talenten, recht hebben op de ontwikkeling van hun mogelijkheden.

Kinderen kunnen zich maar goed voelen als ze thuis en op school gestimuleerd worden om hun mogelijkheden te ontwikkelen.

Om je te ontwikkelen heb je anderen nodig. Dat is ook zo bij hoogbegaafde kinderen. Als de aanpak van de opvoeders niet aangepast is aan de noden van het kind loopt de ontwikkeling vast. Ook hoogbegaafde kinderen hebben ondersteuning en begeleiding nodig.

BeKLIM is van mening dat ouders en leerkrachten elk hun eigen rol hierin hebben. Ouders en leerkrachten kunnen samenwerken om elk kind te geven wat het nodig heeft. Ouders en leerkrachten kunnen kinderen ondersteunen door hen te aanvaarden zoals ze zijn, hun talenten te respecteren en te erkennen. Daarom willen wij met alle opvoeders samenwerken.

Elk kind en elke situatie is anders. Wij willen leren van elkaar. Wij staan open voor elke goede suggestie, elk goed voorbeeld. We willen leren van elke slechte ervaring en samen zoeken hoe het misschien anders kan. Wij willen een open vereniging zijn, waar alle leden een inbreng kunnen hebben.

Wanneer is een kind hoogbegaafd?

Hoogbegaafde kinderen zijn net als andere kinderen, ze zijn allemaal verschillend. Ze hebben enkele specifieke kenmerken die het leven voor hen soms gemakkelijker, maar soms ook moeilijker maakt.

Denk- en leervermogen

  • Ze kunnen snel informatie opnemen en onthouden.
  • Ze leren basisvaardigheden snel en met weinig oefenen.
  • Ze zoeken spontaan naar mogelijkheden om te systematiseren.
  • Ze zoeken naar de betekenis van de wereld en de dingen om hen heen.
  • Ze zien oorzaak-gevolg verbanden en houden van het oplossen van problemen.
  • Ze kunnen al vroeg hun eigen redeneren en dat van anderen kritisch beoordelen.
  • Hoogbegaafde kinderen hebben, zoals gemeten door een goede intelligentietest, een intelligentiequotiënt (IQ) van 130 of meer en horen op basis daarvan tot de 3% verstandigste kinderen van hun leeftijdsgroep.

Algemene en intense behoefte aan informatie

  • Ze zijn weetgierig, stellen veel vragen en hebben vele interesses.
  • Ze nemen de wereld om hen heen scherp waar en merken op wat anderen niet waarnemen.
  • Ze willen nieuwe dingen leren en zien.
  • Kunnen en weten meer.
  • Omdat ze sneller leren en weetgierig zijn lopen ze voor op hun leeftijdsgenootjes.
  • Ze hebben een grote woordenschat en kunnen zich goed uitdrukken.

Gemotiveerd en taakgericht

  • Voor onderwerpen die hen interesseren, zoals nieuwe, complexe problemen of een nieuw kennisdomein, kunnen ze erg enthousiast zijn.
  • Ze spannen zich intens in, zijn zeer geconcentreerd en vertonen veel energie.

Duidelijke waarden

  • Ze liegen zelden en hechten aan gelijkwaardigheid en rechtvaardigheid.

Creatief

  • Ze pakken graag zaken anders aan.
  • Ze zoeken eigen oplossingen voor problemen.
  • Ze experimenteren graag.

Relaties met anderen

  • Ze zijn gevoelig en hebben een hoog inlevingsvermogen.
  • Ze hebben hoge verwachtingen van de anderen.
  • Ze willen graag zelfstandig zijn.
  • Ze hebben vaak een ongebruikelijk gevoel voor humor.

Zelfbeeld

  • Hoogbegaafde kinderen willen onafhankelijk zijn.
  • Ze hebben hoge verwachtingen van zichzelf.
  • Ze zijn ook kritisch voor zichzelf.

Al deze kenmerken kunnen het voor hoogbegaafde kinderen soms moeilijk maken. Zo gaan ze zich gauw vervelen op school en houden ze niet van herhalingen. Ze kunnen gaan piekeren, te veel van zichzelf verwachten en faalangst ontwikkelen. Ze kunnen het moeilijk krijgen om aansluiting te vinden bij hun klasgenootjes en vrienden. Ze maken zich soms te veel zorgen over het onrecht in de wereld en de zin van het leven. Ze kunnen soms te kritisch worden voor anderen, de school of de maatschappij.

Bij sommige hoogbegaafde kinderen zijn de problemen zo groot dat hun ontwikkeling vastloopt.

BeKLim, als vereniging voor ouders en opvoeders van hoogbegaafde kinderen, wil ertoe bijdragen dat deze kinderen wél hun talenten kunnen ontwikkelen, dat zij het aanbod krijgen dat zij nodig hebben en waar ze recht op hebben.

Literatuur

Webb, Meckstroth en Tolan, De begeleiding van hoogbegaafde kinderen , Vertaling en bewerking van Jurgens en de Mink, Van Gorcum, 2002, 210 pag.